Mevrouw de voorzitter,

Het is bijzonder fijn vandaag het woord te mogen voeren bij
dit spoedberaad over de motie van wantrouwen die onze fractie heeft ingediend over
de politieke toestand rond de recente transacties met China. Maar laat ik
beginnen met het uitdelen van mijn welgemeende complimenten aan het voltallige
kabinet, en in het bijzonder aan de minister van Financiën, voor de geniale zet
om China het knip- en plakwerkje van onze nationale held meneer Mondriaan aan
te smeren. Het doet ons buitengewoon veel genoegen dat kunst de staatskas voor
de verandering eens gaat spekken. Normaal gesproken kost deze linkse hobby ons
Nederlanders alleen maar geld.

Tegelijkertijd ben ik boos, of liever gezegd: ik ben woedend,
mevrouw de voorzitter, want de Kamer is bij deze affaire weer eens volledig buiten
spel en in zijn hemd gezet. Wij hebben van de minister geen millimeter ruimte gekregen
voor het naar behoren en kritisch uitvoeren van onze controlerende taak. We
zitten hier met zijn allen in de Kamer mee te doen voor piet snot. Het is overigens
tekenend dat de staatssecretaris van Financiën hier niet aanwezig is. Hij is Nederland
op het moment aan het verkopen aan China. Dat is in onze ogen zeer
verontrustend. Na de islamisering komt de Chinese zondvloed, let op mijn
woorden. U bent gewaarschuwd.

Wij mogen de plichtsgetrouwe rijksambtenaar die in zijn
gewetensnood het Chinarapport openbaar maakte, oprecht dankbaar zijn. Bij het doorlezen
van dat ministeriële ‘masterplan’ over de verkoop van een van onze nationaal belangrijkste
schilderijen (volgens de experts) kreeg ik bijna de tranen in de ogen. Wat een
onzinverhaal! En hoe naïef! En waarom wil de minister van Financiën zo graag
verkopen en waarom is hij tevreden met een schijntje van nog geen € 40 miljoen?
Waar is onze beruchte handelsgeest gebleven? Wat had de bewindsman gegeten dat
hij zo snel akkoord ging? Paddo’s? Spacecake? De minister is in mijn ogen en ik
spreek namens mijn gehele fractie, knettergek geworden. Onze volgende dwingende
vraag is: waarom wil het kabinet China ter wille zijn en waarom gaan wij intens
handel drijven met een land dat de mensenrechten aan zijn laars lapt? Wij weten
ook dat we in de toekomst niet om het nieuwe China heen zullen kunnen, we zijn
niet achterlijk, maar laten we ons toch zo lang mogelijk op ons eigen land richten
en onze identiteit niet verkwanselen.

Vaak
worden wij als politieke partij afgeschilderd als een stel cultuurbarbaren. Ten
onrechte, ook wij zijn voorstander van het behoud van cultureel erfgoed en van kunstwerken
zoals in het Rijksmuseum te zien zijn. Daar mag wat ons betreft een budget
beschikbaar voor zijn. Wij hebben daar geen enkele moeite mee, dat heeft u mij
ook nooit horen zeggen. Maar wij vinden ook dat wie van kunst wil
genieten, dat vooral op eigen kosten moet doen. In de loop van de tijd is glashelder
gebleken dat het plan om kunst bereikbaar te maken voor het volk gefaald heeft.
Alleen de elite, de cultuur- en kunstbobo’s profiteren van de miljoenen die
jaarlijks in de kunstsector worden gepompt. Dat moet maar eens afgelopen zijn.
Nog even of er wordt nog subsidie gegeven voor kookkunst en een diner in een
Michelinsterrenrestaurant.

Onze partij heeft na het uitlekken van de op handen zijnde
kunstverkoop niet stilgezeten. Wij hebben direct een eigen onderzoekscommissie
ingesteld die de opmerkelijke ontwikkelingen van de laatste weken heeft
nagetrokken. Daarbij is naar voren gekomen dat er onverklaarbare en ranzige randjes
aan het hele verhaal zitten en dat we naar alle waarschijnlijkheid te maken
hebben met één groot internationaal complot. Ik zal een paar punten noemen uit
deze onverkwikkelijke soap: een Nederlandse commissaris van de Bank of China
wil heel graag én heel voordelig een topstuk met een symbolische waarde uit Nederland
weghalen, de minister van Financiën neemt het aanbod aan en is ogenschijnlijk
gevoelig voor het overigens (niet bewezen) argument van de devaluatie van het
werk vanwege twee recent ontdekte soortgelijke schilderijen van de Nederlandse
artiest. Een van die doeken is onlangs heel toevallig vanuit China door een
Chinees echtpaar ons land ingevoerd, of liever gezegd: naar binnen gesmokkeld, vanuit
Griekenland, en zonder problemen door de douane gekomen en te koop aangeboden
aan de juiste personen die ervan gingen kwijlen. Onze onderzoekscommissie heeft
de achtergronden en de omzwervingen van het kersverse Chinese echtpaar nagetrokken,
mede op hun spoor gebracht door de tv-uitzending De Wereld Draait Door. De onschuldig
ogende echtgenote is bij navraag op het vliegveld van Shanghai door een
oplettende grondstewardess met een ijzersterk geheugen aan de hand van foto’s herkend
als een van de leden van het wijdverspreide bedrijfsspionagenetwerk van de
Chinese Communistische Partij. De spionne zou vóór haar huwelijk gewerkt hebben
bij de Bank of China en kort voor het vertrek van het echtpaar naar Europa om onbekende
redenen ontslagen zijn.

Houdt u vast, er komt nog meer. Enkele weken later is een
tweede kunstwerk vanuit China ingevoerd, zogenaamd weer van de hand van meneer Mondriaan,
en opnieuw is het zonder problemen de douane gepasseerd, onder de arm van een
neef van de Chinese echtgenoot. De waarde van dit schilderij is nog onbekend
evenals de rol van beide Chinese mannen in de gehele affaire.

De commissie heeft inmiddels ontdekt dat het eerst
aangeboden schilderij een dekmantel was voor het invoeren van microchips die de
beveiligingsketens van het bankverkeer kunnen ontregelen. Gelukkig is die bankoperatie
voortijdig bij toeval verijdeld doordat het schilderij bij een kidnappoging op
het terrein van Schiphol ernstig beschadigd raakte. Het doek werd voor restauratiewerkzaamheden
naar het Stedelijk Museum gebracht, waar de aanwezigheid van vreemde chips in
het weefsel aan het licht is gekomen. Het echtpaar is daarop gearresteerd door
de Amsterdamse politie, maar al spoedig weer in vrijheid gesteld door de
interventie van een invloedrijke Chinese zakenman.

Wij zijn blij de Kamer alvast deze feiten te kunnen
presenteren, de ministers mogen ons uitleggen wat ze allemaal te betekenen hebben.
Daar komt nog bij dat de nog voortdurende bezetting van het Gemeentemuseum ons
grote zorgen baart. De kans is groot dat het kunstwerk van Mondriaan
onherstelbare schade oploopt en daardoor uiteindelijk zijn financiële verkoopwaarde
verliest. U hebt ongetwijfeld de live-beelden vanuit het museum op You Tube al gezien
en de vastberadenheid van de groep die zich de ‘Klokkenluiders van het
Catshuis’ noemt. Ik ben geen kunstminnend mens, maar toch liepen de rillingen
me over de rug toen een van de actievoerders tergend langzaam weer een volgend
strookje plakband van het schilderij afpeuterde, waarbij duidelijk te zien was
hoe de onderliggende verf beschadigd werd, en op een andere plek vastplakte.
Hopelijk is het niet het originele schilderij waarmee op deze gevaarlijke wijze
gespeeld wordt. Een referendum houden over wel of niet verkopen lijkt ons grote
onzin, want het schilderij is immers eigendom van de staat der Nederlanden, maar
wij zijn er wel van overtuigd dat snel handelen geboden is.

Mevrouw de voorzitter en ministers, met de voor u liggende
motie van wantrouwen eist onze fractie in eerste instantie opheldering over de Mondriaanaffaire.
Tevens willen wij graag uit de mond van de minister-president horen of en zo ja
hoe deze zaak in relatie staat tot het Chinese zonnepanelenschandaal en de
zonneglasmarkt in Europa.

Ik beëindig mijn betoog met de herhaling van ons standpunt op
het voornemen van het kabinet om het Victory Boogie Woogie-schilderij te
verkopen aan China. U hebt onze motie hopelijk gelezen? Dan weet u dat onze
fractie alleen akkoord gaat met de verkoop van het betreffende kunstwerk als het
voor het vierdubbele van de huidige vraagprijs van de hand gaat én daar een
forse belastingverlaging voor de burgers tegenover staat. Bovendien mag de
opbrengst van de verkoop in geen geval worden ingezet voor het betalen van allerlei
onzinnige Brusselse vorderingen. Verder eisen wij, en daarmee zitten wij op één
lijn met de Klokkenluiders van het Catshuis, dat de overheid en de door de
overheid gesubsidieerde musea geen cent meer spenderen aan de twee uit China afkomstige
Mondriaans, noch aan restauratie, noch aan onderzoek of aankoop.

Kortom meneer de minister, wat wij van u vragen is heel
simpel. Wanneer u of het kabinet geen blaam treft in deze dubieuze praktijk en
u kunt bewijzen niet te passen in onze complottheorie, dan doet u gewoon het
volgende: u plakt een sticker in een opvallend kleurtje naast het doek van
meneer Mondriaan met daarop een bedrag van minstens negen of tien cijfers vóór
de komma en u nodigt de diverse koopliefhebbers uit. En laten we dan maar eens
kijken of er dubbele agenda’s gehanteerd worden en de Chinezen van het eerste
uur nog happig zijn. Mocht er toch een verkoop uit voortrollen, dan verdeelt u de
opbrengst van het schilderij onder de belastingbetalers. Wij zijn hierin zeer principieel
en het is ons een kabinetscrisis en nieuwe verkiezingen waard. Aan u de keuze. En
neemt u ons advies ter harte: pas op voor het gele gevaar.

(Mijn vijfde bijdrage voor de my victory boogie woogie wedstrijd, 2014)